Muur 3 (2017) - Stichting Historische Zitmuren

Zoeken
Ga naar de inhoud

Hoofdmenu:

Muur 3 (2017)

Informatie > Uitleg Afbeeldingen
1) Zool van een Romeinse schoen, Romeinse tijd

Deze zool is vlakbij een Romeinse dam gevonden die in 1996 opgegraven werd op het bedrijventerrein Hoogstad. Op enkele meters van de dam lag een modderige depressie op de grens van de oeverwal en de kreek. De depressie was in de Romeinse tijd gevuld met boomstammetjes en onder deze stammen lag de zool. Het is een slanke buitenzool van een rechterschoen, die gemaakt is van rundleer en geheel in tweeën is gespleten. De gaatjes in de zool geven de plaatsen aan waar ooit 50 kleine nageltjes zaten. Van deze mooie spijkertjes, waarvan de koppen een doorsnede van 6-7 mm hebben, zijn tijdens de opgraving 9 stuks gevonden. Bespijkerde schoenen werden in de Romeinse Tijd door specialisten gemaakt en waren sterk modegevoelig. Er kwamen verschillende types voor: schoenen, laarzen, sandalen en slippers. Hoewel het bovenleer van deze schoen niet bewaard is gebleven, bewezen de indrukken op de binnenkant van de zool dat het om een gesloten schoen ging met een binnenzool en een hielversterking. Het slanke, licht gepunte model van de zool is typerend voor de tweede helft van de tweede eeuw. Ook de nette spijkertjes en het spijkerpatroon zijn kenmerkend voor het betere schoeisel uit deze periode. De buitenkant van de zool is licht versleten en de voorkant vertoont op de plaats van de grote teen extra slijtage. Dit bewijst dat de schoen ook echt gedragen is. Maar door wie? De gepunte teen wijst erop dat de drager een man was. Hij had schoenmaat 36/37. Dit lijkt nu klein, maar in de Romeinse Tijd worden alle maten vanaf 35 tot mannenmaten gerekend. De eigenaar moet een welgestelde en modebewuste man zijn geweest die zijn schoenen bij een specialist kon kopen.

2) Kaak everzwijn en doorboorde hondentand Vlaardingen-Cultuur

Het everzwijn (= wild zwijn) werd gejaagd om te eten. Het is gevonden bij de opgravingen in de jaren 60 van bewoningsresten uit de Vlaardingen-Cultuur in de Westwijk. Daar werden ook drie doorboorde hondentanden gevonden. Deze tanden werden aan een koordje gedragen als sieraad of amulet.

3) Gezichtsreconstructie van Krabbeplasman Bronstijd

Spelende kinderen ontdekten in 1990 menselijke resten bij de net aangelegde Surfplas. Onderzoek wees uit dat dit skelet van een circa 43-jarige man was, die tot ieders verbazing ongeveer 3300 jaar geleden geleefd had. Van de archeologische dienst kreeg hij de naam 'Krabbeplasman'. In 2007 maakte Maja D'Hollosy een reconstructie van het gezicht van de bronstijdman. Ze maakte een mal van de schedel, waarna ze volgens forensische methodes eerst een reconstructie boetseerde in klei. Daarna volgde deze versie van houdbare kunststof. Het geheel werkte ze af door een set prothetische ogen te gebruiken, de huidstructuur-en kleur realistisch te schilderen, wenkbrauwen en wimpers in te prikken, en tenslotte een pruik van mensenhaar aan te brengen.

4) DNA-spiraal

Het oudste menselijk celmateriaal dat voor 2006 in Nederland was aangetroffen kwam uit twee kiezen van de Krabbeplasman. Zie hierboven.

5) Twee lokaal gemaakte potten en een geïmporteerde schaal IJzertijd en Romeinse tijd

6) Weefgewicht IJzertijd

Een weefgewicht wordt gebruikt bij het weven van kleden. Zie 9 waar dat wordt uitgelegd. Spinsteen Spinsteen wordt gebruikt bij het spinnen van een draad uit wol. Door het gat in de spinsteen wordt een stokje gestoken dat vast blijft zitten. Zo ontstaat een spintol.er wordt een stukje wol aan de spinsteen vastgemaakt en vervolgens wordt het naar beneden gehangen. Met de wol in de ene hand en een draaiende spintol in de andere kun je zo een draad maken.

Stenen bijl

In 1958 liep de toen 16-jarige Gerard Ouwehand langs hopen aarde afkomstig van het graven van de wegcunetten en het riool aan de Arij Koplaan. Gerard zag deze steen uit de grond steken en na enige omzwervingen belandde het object bij Cees Wind. Het bleek te gaan om een circa 20 cm lange bijl van het zogenaamde Buren-type. De bijl is zo'n 5000 jaar oud. Vuursteen komt niet voor in Vlaardingen en het werktuig is vermoedelijk geïmporteerd vanuit West/Midden-België. De vondst van de bijl leidde uiteindelijk tot een groot archeologisch onderzoek naar bewoning uit de Vlaardingen-Cultuur.

7) Impressie van een boerderij nagebouwd in de Broekpolder Vlaardingen-Cultuur

In 2016 is in de Broekpolder een boerderij uit de Vlaardingen-Cultuur nagebouwd

8) De klepduiker in de dam voert water af uit het achterland Romeinse tijd

Op het bedrijventerrein Hoogstad troffen archeologen in de jaren '90 in totaal 7 dammen aan, waarvan er 3 een duiker hadden. Deze waterbouwkundige werken waren aangelegd in kreken die zich hadden ingesneden in de IJzertijd en de Romeinse tijd. De dammen waren opgebouwd uit klei- en zandzoden, afgewisseld met vlijlagen van plantaardig materiaal. Onderzoek van deze planten heeft aangetoond dat ze verzameld zijn in het vroege najaar. Dit is vermoedelijk ook de periode waarin de dammen zijn aangelegd. In een kreek uit de Romeinse tijd vonden de archeologen nog eens 5 dammen. In een grote dam van minstens 9 m lang en 6,3 m breed lag een heel bijzondere duiker. Deze zogenaamde klepduiker bestond uit 2 in elkaar geschoven, uitgeholde boomstammen. De stammen waren vermoedelijk met een lepelboor uitgeboord. Een deel van de duiker is vervaardigd uit essenhout en taps gedisseld. Zo ontstond een smaller stuk dat in de eerste helft van de duiker geschoven kon worden. De overlapping bedroeg naar alle waarschijnlijkheid ongeveer 45 cm. Dit brengt de totale lengte van de klepduiker op 6,30 m. Om de twee helften van de duiker op hun plaats te houden, was een deel voorzien van een stopje. Dat stopje paste in een U-vormig gat dat was gemaakt in de andere duikerhelft. Dit vernuftige systeem faalde uiteindelijk omdat de twee helften van de duiker niet goed in elkaar bleven zitten. Er ontstonden kieren en daardoor kon de dam van binnenuit uitgespoeld worden.

9) Wollen kleding maken op het weefgetouw IJzertijd

Om een doek te weven worden door verticaal gespannen draden (schering) om en om een draad (inslag) geweven en aangedrukt. In het weefgetouw zijn aan de scheringdraden om en om gewichten gehangen die met een trektouw heen en weer bewogen kunnen worden. Zo ontstaat een opening voor de inslag. Met een kam worden de inslagen stevig tegen elkaar aangedrukt.

10) Kano opgegraven bij de Vergulde Hand Vlaardingen-Cultuur

In de zomer van 2005 hebben archeologen bij Vergulde Hand-West een boomstamkano opgegraven. De kano is met behulp van een bijl, dissel en beitels gemaakt uit een eik en is ongeveer 10,6 m lang. Aan de voorzijde van het vaartuig loopt door de zijkant van de steven een groot, rechthoekig gat, dat sterk is gesleten door gebruik. Mogelijk diende het gat om de kano met een touw te kunnen trekken of vast te leggen. Vooraan de kano is aan de binnenkant ook een groot brandspoor zichtbaar, wat erop wijst dat men vuur mee aan boord nam. Op circa 2 m van de voorzijde is een opstaande rand of rib aangetroffen. De resten van een ander opstaand element zijn gevonden op circa 1 m van de achterzijde. Mogelijk gaat het hier om een 'zitje'. De kano is vervaardigd rond 683 voor Chr. en stamt daarmee uit een periode waarin boeren zich in het veengebied vestigden.

11) Vijfribbige armband van donkergroen glas Romeinse tijd

Deze glazen armband is in 1948 gevonden in de Babberspolder bij werkzaamheden voor de stadsuitbreiding van Vlaardingen. Het voorwerp is gemaakt van donkergroen, schijnbaar zwart glas. Aan de binnenzijde is de armband afgerond, de buitenzijde vertoont vijf vrij scherpe ribben. De armband is ovaal van vorm en heeft een open einde. Mogelijk waren de uiteinden oorspronkelijk afgerond.

Leliefibula (mantelspeld)

Amateurarcheologen van Helinium vonden in 1982 deze mooie mantelspeld toen de vijvers in het Van Heutzpark werden drooggelegd en machinaal uitgediept. De fibula lag tussen scherven en ander afval uit de Romeinse tijd. Al deze vondsten komen uit een oude geul. Hoewel het dus gaat om een verspoelde context, levert het materiaal toch informatie op over bewoning in de omgeving in de Romeinse tijd.

12) De steur was een gewilde prooi voor de jagers-verzamelaars Vlaardingen-Cultuur

De Vlaardingen-Cultuur vindplaats aan de Arij Koplaan in de Westwijk is onder meer bekend geworden doordat er veel resten van de steur zijn gevonden. Deze grote vis, die meer dan 4 meter lang kon worden, zwom hier in de kreken rond. Ter wille van de compositie en de beeldtaal is een gehele steur afgebeeld.

13) Jager met pijl en boog

Een jager, jagend op wintertalingen. Afgebeeld zijn een mannetje en vrouwtje van een taling. Ze broedden hier en werden gegeten. Zoals met eerdere afbeeldingen op deze zitmuur zijn foto’s van de wintertalingen van het internet gehaald.

14) Boemerang en barnstenen kralen  uit de IJzertijd en Romeinse tijd

Tijdens de opgraving op het bedrijventerrein 'Hoogstad' vonden archeologen een werphout in een afvalpakket dat onder een duiker was aangelegd. Het voorwerp dateert uit de Romeinse tijd en is gemaakt van esdoornhout. Een breukvlak op één van de armen duidt erop dat het werphout niet meer volledig is. Hoe groot het stuk is dat ontbreekt, is onbekend. Het werphout is heel zorgvuldig bewerkt. Het vleugeluiteinde (tip) van de bewaarde arm is vlak en stomp. Dit is een vorm die weinig voorkomt, omdat ronde of spitse tips gunstiger zijn voor de aerodynamica. Om te bepalen of het voorwerp een jachthout (niet-terugkerend) is of een echte boemerang (terugkerend), werden verschillende replica's gemaakt en experimenten gedaan. Eerst veronderstelde men dat slechts 3/5 van het voorwerp bewaard was gebleven en er ontstond een werphout met twee gelijke armen. Deze linkshandige boemerang vloog een mooie, licht ellipsvormige baan, maar enige kundigheid was wel vereist om een goede worp te realiseren. In tweede instantie ging men ervan uit dat alleen het uiteinde van het werphout ontbrak. Een werphout met slechts één lange arm dus. Experimenten met deze replica zorgden voor een ware verrassing. Het jachthout vloog relatief stabiel, snel en trefzeker over een afstand van 50 m. Dit voorwerp was ideaal voor de jacht op vogels en ander klein wild.

Kralen

Barnsteen is versteende hars van naaldbomen. Al sinds de Steentijd wordt het gezien als halfedelsteen en worden er sierraden van gemaakt. Deze kralen komen uit een IJzertijd-opgraving. In die tijd werd barnsteen gevonden langs de kusten van Nederland, Denemarken en Duitsland. Deze kraal is in de Vergulde Hand-West gevonden. Het voorwerp is gemaakt van een doorzichtige, oranjekleurige barnsteen . De kraal heeft een regelmatige discusvorm. De doorboring is recht en er zijn geen rillen te zien. De perforatie vertoont geen slijtagesporen. De omtrek is vrij zwaar gepolijst door langdurig contact met de huid van de drager. Gezien de krasjes en glans op de platte vlakken van de kraal, lijkt er sprake van kraal-op-kraalcontact. De kraal maakte dus deel uit van een vrij losjes geregen snoer en werd aan beide zijden omgeven door andere kralen.

15) De kroeskoppelikaan was één van de vogels waarop gejaagd werd Vlaardingen-Cultuur

Ze leefden tot Romeinse tijd in Nederland. Ze broedden hier aan de monding van de Rijn en de Schelde en werden gegeten. Ze houden van een klimaat dat een paar graden warmer is dan nu. In de tijd van de Vlaardingen-Cultuur tot de Romeinse tijd was het hier een paar graden warmer.

16) Met glas ingelegde knop van een haarspeld Romeinse tijd.

17) Impressie van de  middeleeuwse nederzetting

Een impressie van hoe Vlaardingen er rond 1000 na Christus uitgezien zou kunnen hebben.
Afgebeeld is de Hoogstraat, vanaf de Markt (als een soort terp) tot aan ruwweg de kleine sluis.

18)  Paardfibula (mantelspeld), ruitfibula, glazen gem en kruik Romeinse tijd

Deze fibula is gevonden tijdens de opgraving op het bedrijventerrein Hoogstad. De fibula heeft de vorm van een keltisch paardje en is gemaakt van een koperlegering. Op de buik van het paardje bleef een deel van de emaillen versiering bewaard. Deze bestaat uit rode stippen op een blauwe achtergrond. Het voorwerp is vervaardigd in de Romeinse tijd. De fibula is gevonden tussen aardewerk gedateerd tussen circa 75 - 125 na Chr. Ruitfibula Deze ruitvormige plaatfibula is gevonden tijdens de opgraving op het bedrijventerrein Hoogstad. De emaillen versiering in het midden bestaat uit rode puntjes en rood-witte puntcirkeloogjes op een blauwe achtergrond. Het voorwerp is rondom versierd met rondellen. De fibula is bijna compleet. Met uitzondering van wat emaille ontbreekt enkel een deel van de naald.

Gem

In 2005 treffen archeologen tijdens de opgraving op locatie ‘De Vergulde Hand’ een Romeinse glazen gem aan. In het glas is een beeltenis van een gehelmde godheid te zien, vermoedelijk de godin Roma, de verpersoonlijking van de stad Rome. Vaak werden gemmen gemaakt van halfedelstenen, glas werd gebruikt om deze stenen te imiteren. Het glas van de Vlaardingse gem is van uitzonderlijk hoge kwaliteit, getuige de weinige luchtblaasjes in het glas. Ook het feit dat de afbeelding in de gem is geslepen, en niet gegoten, toont aan dat het gaat om een kwaliteitsproduct. De sporen van slijtage aan de bovenzijde, maken het aannemelijk dat de gem in een zegelring heeft gezeten. Deze zegelringen werden gedragen door vrije burgers en werden gebruikt om contracten te verzegelen.

Kruik

kruik Romeinse tijd

Fuik

Op 29 juli 1964 vonden archeologen bij het onderzoek aan de Arij Koplaan deze fuik in een oude kreekvulling. Eigenlijk gaat het slechts om een deel van het buitenste omhulsel van de fuik en de trechtervormige inkeling. Vlakbij de fuik stonden een serie paaltjes in de kreekbedding, vermoedelijk de restanten van een visweer.



 
(c) copyright Sttichting Historische Zitmuren 2014-2016
Terug naar de inhoud | Terug naar het hoofdmenu